Seizoenen

Onze voorouders zagen niet dat een rondje van de aarde om de zon een jaar duurde. Ze zagen wel dat er seizoenen waren en dat die na een tijd weer terug kwamen. Dus de lente, zomer, herfst en winter. Na 365 dagen begon alles weer van voor af aan.

 

De as van de aarde staat scheef (ca. 23 graden). Dit heeft gevolgen. Door de scheve stand is de noordpool in de wintermaanden weggedraaid van de zon. De zon komt dan niet hoog boven de horizon. De dagen zijn kort en de nachten zijn dan lang. Als er weinig zon is betekent het dat de aarde ook niet echt kan opwarmen. De wintermaanden zijn daardoor ook kouder. In de zomer is het precies andersom.

 

In de herfst, 23 september en de lente, 21 maart, staat de zon loodrecht op de evenaar. De zon komt dan op in het oosten en gaat onder in het westen. Op deze twee data is het dan twaalf uur licht en twaalf uur duisternis.

Middernachtzon
Middernachtzon

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Grijze nachten: in de periode van eind mei tot halverwege juli zijn de nachten niet helemaal meer donker.

Middernachtzon: ver in het noorden verdwijnt de zon rond 21 juni helemaal niet meer onder de noordelijke horizon. Bijvoorbeeld in Noorwegen.

In het zuiderlijk halfrond verlopen de seizoenen net andersom. Dit is bijvoorbeeld zo in Australië.

Letter: M

 

Vraag: Waarom is Pluto geen gewone planeet maar een dwergplaneet?

 

Nieuws:

 

Planetoïde verrast sterrenkundigen.

 

Lees artikel.

 

Exacte rotatiesnelheid Neptunus.

 

Lees artikel.

 

Recordbrekers uit het universum.

 

Lees artikel.